Tien jaar bestaat de Venice Immersive-competitie nu, en daarmee is het filmfestival van Venetië niet alleen het oudste filmfestival ter wereld, maar ook een van de meest innovatieve. Filmische ervaringen in een virtualrealitybril of headset waren tien jaar geleden niet nieuw. In gaming bestonden ze bijvoorbeeld al langer. Maar toen Facebook (nu Meta) in 2014 headsetbedrijf Oculus overnam werd VR-technologie toegankelijker en ging het snel. Kranten als de Washington Post en The Guardian gingen ermee experimenteren, net zoals kunstenaars als Laurie Anderson, Marina Abramović en Anish Kapoor.
Flash forward naar 2026. Dit jaar zijn er 68 producties uit 28 landen geselecteerd voor Venice Immersive, waarvan er 30 meedoen in de competitie. Nederland is het afgelopen decennium uitgegroeid tot een van de meest toonaangevende en vaak prijswinnende landen op het festival, dat woensdag opende en tot en met zaterdag 12 september duurt. Dit jaar doen Nothing to See Here van Celine Daemen, Honeyboys van Nemo Vos (Tibor de Jong & Doris Konings) en de grootschalige meerpersoonservaring Amsterdam 1652: De handen van de stad van Nienke Huitenga Broeren mee in competitie.
Steye Hallema (bekend van The Imaginary Friend) en zijn Smartphone Orchestra maakten een speciale Venetië-editie van hun project Water Bodies: La laguna parla. Dat belooft het verjaardagsfeestje te worden in de binnentuin van het VR-eiland voor de kust van het Lido: gesynchroniseerde smartphones zullen daar een zwermervaring van golven en regenbuien nabootsen.













