Of ze de oorlog wilde zien. Dat vroeg een Oekraïense militair toen Khristina (38) in 2022 het land bezocht na de invasie. Ze had de pijn, angst en verwarring onder de bevolking al gezien, maar hij nam haar mee naar een militair kampement in de regio Tsjernihiv. Achter de tenten was een gat gegraven. „In dat gat lagen lichamen”, vertelt Khristina. „Ik zag een trouwring. Deze man heeft een vrouw, dacht ik. Hij heeft een vader, een moeder, misschien een kind.”
Er was geen tijd om de doden te begraven, hoorde ze, de lichamen bleven maar binnenkomen. „Toen had ik een keuze: teruggaan naar mijn goede leven. Of proberen om het leven voor deze mensen iets beter te maken.” Ze besloot: geen mens verdient het om zo in een gat te eindigen, en bleef.
Khristina werd geboren in Bulgarije, groeide op in Nederland en studeerde politicologie aan de Universiteit van Amsterdam. Ze was zich aan het bezinnen op een PhD-onderwerp toen ze besloot Oekraïne te bezoeken met twee Oekraïense kennissen, „om te zien wat oorlog met mensen en het leven doet”. Nu is ze in Nederland op uitnodiging van de hulporganisatie Protect Ukraine, die onder meer grondrobots leverde voor haar brigade en die NRC verwelkomt in hun verlaten kas, die dient als opslagruimte voor spullen voor Oekraïne.












