Het voorstel om het aantal vergaderingen in de Tweede Kamer fors af te schalen, leidde in een adhoc-vergadering met de fractievoorzitters tot „een pittige sfeer met emotie en commotie”. Een deel voelde „zich overvallen en was boos” door wat Kamervoorzitter Khadija Arib voorstelde. „Sommigen vonden het too much”, vertelde Simone Roos, destijds hoofd van de ambtelijke organisatie die de Tweede Kamerleden ondersteunt. Oud-griffier Roos was bij die vergadering en had Arib moeten adviseren over haar voorstel, maar ze was daar niet om gevraagd en deed het ook niet ongevraagd. Roos: „Ze zat daar met een eigen plan.”

De fractievoorzitters hadden zich niet goed kunnen voorbereiden op de vergadering, zei Roos, evenmin was de vergadering goed voorbereid. Arib voelde zich volgens haar „niet gewaardeerd”, terwijl Arib volgens Roos „echt wel haar best” deed.

Henk Nijboer, toenmalig Kamerlid voor de PvdA, wilde dat de Tweede Kamer ook over andere onderwerpen bleef debatteren, maar werd daarin niet gesteund door het presidium (het dagelijks bestuur van de Tweede Kamer, bestaande uit Kamervoorzitter Arib en Kamerleden van een aantal grote partijen). Vanwege het virus kwam de Tweede Kamer vanaf maart 2020 maandenlang slechts eenmaal per week bijeen, alle debatten over andere onderwerpen dan het coronavirus werden uitgesteld.