Aan het veertien kilometer lange Pekelder Hoofddiep, dat door de oude veenkoloniale lintdorpen Boven Pekela, Nieuwe Pekela en Oude Pekela loopt, liggen 34 bruggen. Van grote bruggen waarmee auto’s het kanaal kunnen oversteken, tot smalle voor voetgangers. Ze hebben namen als De Doorsneedraai, de Eendrachtsklap en de Verlaatjesdraai. Langs de kant vissen jongeren, in het water zwemmen twee zwanen. Over de bruggetjes lopen mensen van de ene naar de andere kant van het dorp. Hoe idyllisch ze ook zijn, de afgelopen jaren waren de bruggen een grote uitdaging voor de gemeente Pekela.
Het hout van de bruggen – die in de jaren tachtig werden gebouwd – is rot, de blauwe verf is afgebladderd en het staal verroest. Jarenlang werden ze nauwelijks onderhouden door Pekela, een van de armste gemeenten van Nederland. Veel bruggen kunnen door het slechte onderhoud al jaren niet meer open. Daardoor varen ook al lang geen boten meer door het diep, ooit een belangrijke route voor turfschepen. ‘Vaarroute gestremd’, staat nu op borden aangegeven.
Op meer plekken zorgen slecht onderhouden bruggen voor problemen. Veel gemeenten hebben jarenlang op de waterverbindingen bezuinigd. De gemeente Pekela dacht het probleem in 2021 op te lossen door 21 van de 34 bruggen te slopen. Dat was buiten de bewoners om gerekend. Onder leiding van Maurits Langeler uit Nieuwe Pekela werd de actiegroep Bruggen Belang Pekela opgericht. Er werd geprotesteerd en gesproken in de gemeenteraad. En daar bleef het niet bij: de dorpelingen bedachten een plan om de bruggen te kunnen behouden en richtten de Dorpscoöperatie Pekela op, waarin Langeler ook actief werd.








