vandaag, 12:40Aangepast vandaag, 12:41De onafhankelijk Statenonderzoeker is kritisch over de laatste voortgangsrapportage groot project transitie Maastricht Aachen Airport (MAA), die begin vorige maand verscheen. De tegenvallers stapelen zich op en de financiële problemen worden alsmaar groter.De voortgangsrapportage over het vliegveld in Beek schetst de situatie op 1 januari 2026. Minder vrachtZo wacht MAA nog steeds op een nieuw luchthavenbesluit dat pas eind 2027 wordt verwacht. "Dit levert beperkt strategische groeimogelijkheden op, vooral voor cargo. Dit heeft met name te maken met het niet kunnen gebruiken van de volledige lengte van de start- en landingsbaan." De baan in Beek is 2750 meter, maar slechts 2500 meter mag worden gebruikt en dus kunnen vliegtuigen minder vracht vervoeren.Geheimzinnigheid troef rond Maastricht Aachen Airport(opent in nieuw venster)Te optimistischOok de ambities voor elektrisch vliegen ook wel e-aviation genoemd, worden bij lange na niet gehaald. "De marktintroductie van e-aviation waren te optimistisch geformuleerd. Er liggen nog geen geüpdatete groeiscenario's of een haalbaarheidsstudie voor", concludeert de Statenonderzoeker. In het businessplan van eind 2022 werd gesproken over 70.000 passagiers in 2030 en 470.000 in het jaar 2035.Achterstallig onderhoudMaar er zijn meer tegenvallers. De aanpak van achterstallig onderhoud verloopt trager dan was gepland. De provincie stelde hiervoor 70 miljoen euro beschikbaar en ook de financiële positie verslechtert, zo daalde de kaspositie van ruim 15 naar ruim 5 miljoen euro. "Tevens is sprake van een verminderde solvabiliteit. Middelen voor achterstallig onderhoud zijn deels gebruikt om verliezen tijdelijk te dekken."Gebrekkige informatieDe Statenonderzoeker concludeert dan ook dat de voortgangsrapportage relevante onderwerpen bevat, "maar mist op punten kwantitatieve onderbouwing, actuele financiële informatie en concrete risico en herstelscenario's." Op vrijdag 4 september staat het noodlijdende vliegveld in Beek voor de zoveelste keer op de politieke agenda in het gouvernement.