‘Efteling-rijen’ noemt een medewerker van beveiligingsbedrijf I-Sec dinsdag de slingerende stroom voor de controle van passagiers en handbagage op Schiphol. „Gisteren stonden ze helemaal tot dáár”, zegt hij, wijzend naar het einde van de hal. Door de vertraging misten maandag honderden mensen hun vlucht. „Vandaag”, zegt de I-Sec-medewerker, „valt het gelukkig mee.”

Even verderop bij de scanners klaagt een collega over de hoge werkdruk, nieuwe roosters, ontbrekende nachttoeslagen. „De hele organisatie ligt overhoop.” Dan stromen nieuwe reizigers binnen en moeten de mannen snel weer door.

De onrust is weer groot op Schiphol – net als in de zomer van 2022. Niet alleen deze week, onder de ruim vijfduizend beveiligers, maar eerder al onder de duizenden schoonmakers, en binnenkort ook onder de ruim tienduizend bagagemedewerkers en ander grondpersoneel. Van de 1.200 mensen die zorgen voor het aangepast vervoer van mensen met een beperking gaat mogelijk ook het werk veranderen.

Schiphol reorganiseert vier dienstverlenende sectoren op het vliegveld: schoonmaak, beveiliging, grondafhandeling en speciaalvervoer. Er moet een einde komen aan de wildgroei van facilitaire bedrijven. Minder externe dienstverleners – zelfstandige bedrijven die worden ingehuurd door het vliegveld of een luchtvaartmaatschappij – moet de Schiphol-directie meer grip geven op ‘de operatie’. Langere contracten moeten dienstverleners meer bedrijfszekerheid bieden.