De Waard herinnert zich het nog precies. Ze zat tijdens een proefwerk Frans in 5 VWO op haar telefoon af te kijken toen haar mobieltje plotseling begon te trillen. Een onbekend nummer belde. Achteraf bleek dat het toenmalig bondscoach Max Caldas was.
"Je mag je voor het eerst melden bij Oranje", was de boodschap. Een jaar later werd ze geselecteerd voor het door Nederland gewonnen WK in het stadion van ADO Den Haag. Juist die locatie was extra bijzonder, omdat De Waard in haar jeugd eigenlijk droomde van een carrière als voetbalster.
De Waard viel met de neus in de boter, al is ze zoals altijd ook zelfkritisch. "Ik speelde daar op een heel andere positie dan normaal", zegt ze. "Ik stond in de spits en had echt het gevoel dat ik meer in de weg liep dan dat ik wat toevoegde."
In de jaren daarna groeide De Waard op het middenveld uit tot een van de beste hockeysters ooit in Oranje. Ze werd twee keer olympisch kampioen, drie keer wereldkampioen en vier keer Europees kampioen. Maar het topsportleven begon ondertussen aan haar te vreten.
Twee weken na de Olympische Spelen van 2024 zat De Waard huilend bij haar fysiotherapeut. "Na alles wat er was gebeurd, wilde ik heel graag dat iedereen in Parijs die onbevangen Spelen had die ik in Rio heb gehad", vertelt De Waard.








