Na de eerste 100 meter van haar serie op de 800 meter moet Broeders-Bol iets onnatuurlijks doen: bewust langzamer lopen. "Het was heel raar om het tempo te drukken", vertelt ze na haar eerste race in het Alexander Stadium. "Ik dacht: hoe doe ik dit? Geen idee."

Het hoort allemaal bij de ontdekkingstocht van Broeders-Bol dit seizoen. In haar vorige atletiekleven wist ze precies wat ze moest doen op de 400 meter horden. Nu moet ze nog veel leren. Bij de 800 meter horen tempowisselingen, geduw en getrek. Dat merkte ze ook in de series van de EK.

"Het was spannend, want er was best wat geduw in de eerste ronde", zegt Broeders-Bol. "Ik hoorde atletes ook naar elkaar schreeuwen en ik voelde twee keer iemand op mijn voet staan. Maar Laurent (haar coach Laurent Meuwly, red.) had van tevoren al gezegd dat dat kon gebeuren. Dus ik dacht: dit hoort erbij. Kalm blijven en doorlopen."

Dat lukte. Broeders-Bol creëerde op de juiste momenten wat extra ruimte voor zichzelf met een tempoversnelling en liep de hele race op kop. Door een eindsprintje eindigde ze ook als eerste, in een tijd van 1.59,96. "Ik ben als eerste door en heb niet heel hard hoeven te lopen. Dus ik ben blij."

De echte uitdagingen voor Broeders-Bol volgen donderdag in de halve finales (13.10 uur Nederlandse tijd) en vooral vrijdag in de finale (22.46 uur Nederlandse tijd). Dan komt ze wereldtoppers Audrey Werro en Keely Hodgkinson tegen, de twee topfavorieten voor goud.