Less is more. Het staat in zwart-witte blokletters op de muur van een vergaderruimte, samen met andere slogans uit de mode-industrie. Het is een hete zomerdag in augustus 2023 bij het kantoor van brancheorganisaties INretail en Modint in Zeist. Vandaag wordt de zaal niet gebruikt door werknemers van merken als H&M of Primark, maar door een delegatie uit de wereld van het afval.

Less is more … mínder kleding, dat zouden de gasten in de zaal graag zien. Zij houden zich bezig met het inzamelen en verhandelen van afgedankt textiel en zien een almaar groeiende berg. Ze klagen al jaren dat kledingfabrikanten zich er nauwelijks om bekommeren.

Maar nu hebben de kledingmerken de afvalinzamelaars en sorteerders nodig. Een maand eerder is er een nieuwe wet van kracht geworden, de uitgebreide producentenverantwoordelijkheid (upv) textiel. Die maakt kledingmerken juridisch verantwoordelijk voor wat er met hun producten gebeurt als ze worden weggegooid.

Zo wil de wetgever dat de kledingafvalberg plaatsmaakt voor een circulair systeem, waarbij afgedankte kleding als grondstof voor nieuwe dient. De nieuwe verantwoordelijkheid betekent dat producenten ervoor moeten zorgen dat een stijgend percentage van de jaarlijkse kledingverkoop niet meer bij de vuilverbranding belandt. In 2025 moet dat de helft zijn, in 2030 zelfs 75 procent. Textiel moet vaker apart worden ingezameld en gesorteerd. Dat mogen de producenten overlaten aan de bestaande inzamelaars, maar ze moeten daar wel voor gaan betalen.