De Amerikaanse bizon is terug, maar nog niet helemaal de oude. Omdat de huidige kuddes zo klein zijn en sterk gescheiden van elkaar leven, is de genetische diversiteit van de populatie als geheel minder dan die van de bizons die oorspronkelijk de Great Plains bevolkten.

Dat schrijven twee Amerikaanse wetenschappers en een Canadese onderzoeker in het tijdschrift Science. Zij hebben het genoom van 115 historische (‘antieke’) en 45 moderne bizons geanalyseerd. De drie bepleiten een overkoepelende aanpak voor de hele populatie, nu zo’n 500.000 bizons in de VS en Canada. Dat moet ervoor zorgen dat de gene flow tussen de kuddes beter op gang komt.

Het behoud van de Amerikaanse bizon (Bison bison) geldt als een succesverhaal voor natuurbeheerders. Nadat het dier in de negentiende eeuw door massale jacht bijna was uitgeroeid, tellen de VS inmiddels weer duizenden kleine bizonkuddes en enkele grotere. CNN-magnaat Ted Turner hield enkele duizenden bizons op zijn ranches. Het herstel van de bizon stuit ook op verzet. Veehouders in prairiestaten als Montana en Noord-Dakota verzetten zich tegen het grazen van bizons in natuurgebieden terwijl hun vee daar wordt geweerd.

Verreweg de meeste van de huidige bizonkuddes zijn privébezit en worden gehouden op ranches. Enkele tienduizenden bizons leven op publiek terrein en tellen mee voor natuurbehoud. Zo heeft de staat Texas een eigen kudde van enkele tientallen dieren. Ook Yellowstone National Park (Wyoming) en Theodore Roosevelt National Park (Noord-Dakota) hebben kuddes, beheerd door de federale overheid.