Minstens drie landen in Midden- en Oost-Europa kampen met energietekorten door de lage waterstand van de Donau. In Hongarije en Roemenië zijn kerncentrales deels uitgeschakeld omdat er niet genoeg koelwater beschikbaar is. In Servië draaien waterkrachtcentrales op beperkt niveau. In Bulgarije blijft de kerncentrale in Kozloduy vooralsnog in werking. Oorzaak van de lage waterstand van de Donau is de langdurige droogte en warmte in heel Europa, die tegelijk zorgen voor meer vraag naar stroom en water. In de komende weken wordt geen regen verwacht, waardoor de waterstand nog verder zal dalen.

Het lage water in de Donau, die van het zuidwesten van Duitsland naar de Zwarte Zee door tien landen stroomt, heeft al ingrijpende gevolgen voor scheepvaart, landbouw, natuur en toerisme. Daar komt nu een dreigend tekort aan energie bij. Omdat veel landen in de regio gebruikmaken van rivierwater is het lastig voor de getroffen landen om energie uit buurlanden te importeren.

De Hongaarse premier Péter Magyar meldde dinsdagochtend op platform X dat een volledige sluiting van de Paks-kerncentrale, negentig kilometer ten zuiden van Boedapest, op het nippertje is voorkomen in de nacht van maandag op dinsdag. De daling van het waterpeil stopte en het peil steeg met 1,5 centimeter. Zondag kondigde Magyar nog aan dat ook de laatste van de vier reactoren van de centrale zou moeten sluiten. Door de gedeeltelijke sluiting was de normale capaciteit van 2.000 megawatt afgelopen weekend al gedaald naar 480 megawatt. De Paks-kerncentrale levert 50 procent van de Hongaarse energie. Magyar wil dat aandeel verkleinen door meer in te zetten op windenergie.