Ze vormen hun hele leven een twee-eenheid. Tot het allerlaatst. Dagelijks rijdt Gerhard per scootmobiel naar zijn Annie in het verzorgingshuis. Maar als zij overlijdt en de zorg voor haar ophoudt, zit het er ook voor Gerhard op. "Zijn leven is voltooid", staat in de rouwadvertentie opgetekend.

Tot hun 89ste wonen ze nog zelfstandig. In hun huisje Wasa Wasa, onder de rook van de Vliegbasis Twenthe, hebben ze hun eigen paradijsje gecreëerd. Daar zijn ze gelukkig. Dat verandert als hun gezondheid het niet langer toelaat.

Het stel verhuist naar een verzorgingshuis, waar Annie anderhalf jaar later begint te dementeren. Zij is de voornaamste reden waarom Gerhard nog verder wil met zijn leven: "Zolang ma er nog is...", vertrouwt hij zijn kinderen meermaals toe.

Annie en Gerhard, geboren en getogen in Enschede, zijn nog van de generatie die de oorlog bewust meemaakte. Hun jeugdjaren staan dan ook grotendeels in het teken van de Duitse overheersing.

Annie groeit op in een gezin met dertien kinderen, van wie er twee op jonge leeftijd overlijden. Van de oorlog krijgt ze eigenlijk niet zoveel mee. Zij woont tijdelijk bij familie op een boerderij in de Achterhoek, waar vaak wel genoeg te eten is.