Hoe vastberaden is Gianni Infantino om zijn plan voor verdere commercialisering van het WK voetbal door te zetten? Kan hij zich WK’s permitteren zonder Europese voetbalgrootmachten als Spanje, Engeland en Frankrijk?

Die vragen liggen op tafel, nadat de FIFA-voorzitter de afgelopen dagen onder immense druk is komen te staan vanwege een plan dat particuliere investeerders een grote rol geeft bij de organisatie van het WK. Naast de openlijke ruzie met de UEFA kondigde vrijdag ook een topadviseur van Infantino aan op te stappen; Carlos Cordeira stelde niet op de hoogte van het plan te zijn geweest en noemde het in een verklaring van een „slechte deal” voor de bonden en de toekomst van de sport.

Het plan voorziet in een commercieel dochterbedrijf dat uitzendrechten, sponsoring en kaartverkoop van het WK voetbal moet uitbaten. Hier zouden beleggers aandelen in kunnen kopen, waarmee 4,2 miljard dollar (3,65 miljard euro) wordt opgehaald – geld dat in de komende vier jaar naar de 211 bij de FIFA aangesloten bonden zou gaan.

Het „voorstel”, zoals Infantino het noemt, kwam op een chaotische manier naar buiten. The Times en de Financial Times publiceerden dinsdag over de plannen, terwijl de voetbalbonden er nog geen weet van hadden. Intussen waren Amerikaanse partijen als zakenbank JP Morgan al benaderd om investeerders te regelen. De betrokkenheid van Joshua Kushner, de broer van Trump-vertrouweling en schoonzoon Jared Kushner, was extra olie op het vuur. Pas na de mediapublicaties ging er een formeel voorstel vanuit de FIFA naar de bonden.