„We zijn nog nooit zo zichtbaar geweest”, zei arts en activist Jade Hu in haar toespraak op de laatste Transgender Day of Remembrance, waarop elk jaar in november mensen worden herdacht die wereldwijd zijn vermoord om hun trans-identiteit, in de Westerkerk in Amsterdam. „Maar met die zichtbaarheid zijn we ook nog nooit zo kwetsbaar geweest.”

„In een tijd waarin een liefdevolle kus, een vastgepakte hand of een vrolijke vlag al kan werken als een rode lap op een stier”, schreef de toenmalige hoofdredacteur van queertijdschrift Winq, Martijn Kamphorst, vorig jaar in zijn column, „komt die zichtbaarheid met steeds meer risico’s.”

„Waar we samenkomen, zijn we krachtig”, zei de Amsterdamse burgemeester Femke Halsema dinsdag in haar toespraak op het Homomonument in Amsterdam. Daar waren duizenden mensen samengekomen om de slachtoffers (1 dode, 29 gewonden) te herdenken van de aanslag op de Pride in Berlijn afgelopen weekend. „Maar ook het meest kwetsbaar.”

Noem het de zichtbaarheidsparadox. De zichtbaarheid die de laatste decennia zo veel heeft gedaan voor lhbti’ers, die begrip heeft gecreëerd, rolmodellen heeft voortgebracht, leidt óók tot weerstand en onveiligheid.

Júíst tijdens Prides stijgen discriminatie- en geweldcijfers. Het in 2024 opgerichte meldplatform RITA (Report it always) heeft sinds vorige week vrijdag, de vooravond van WorldPride in Amsterdam, 150 meldingen van lhbti-discriminatie ontvangen, waar dat normaal enkele tientallen per week zijn. De meldingen gaan vaak over mensen die op weg zijn van een Pride-evenement naar huis. Daarom richtte RITA 44 ‘safer spaces’ in de stad in, voornamelijk hotels, waar mensen kunnen worden opgevangen die iets naars hebben meegemaakt.