Boven de achterdeur van de schutting steken de toppen van een maïsveld uit. Bewoner van het dorp Westerhaar-Vriezenveensewijk Christianne Niks staat in haar achtertuin met een stoffer en blik in de aanslag. Ze wijst naar het maïsveld: „Daar komen ze vandaan en dan lopen ze deze kant op.”

„Kijk, daar is er weer een aan de wandel.” Niks bukt en veegt demonstratief een centimeterlange gele kever in haar blik. „Sinds gistermiddag zijn het er wel minder geworden. Of het ergste nu is geweest of dat het komt doordat het minder warm is, weet ik niet.” Verdwenen zijn de kevers in ieder geval niet. „Nog eentje, hier!”

Niks woont aan de rand van een maïsveld waar vorig jaar aardappelen werden geteeld, waarvan de bladeren het favoriete maaltje zijn van de coloradokever. Maïs staat niet op het menu, dus vertrekken de diertjes massaal uit het maïsveld, de wijk in. Op zoek naar een alternatief.

Christianne Niks veegt de beestjes op en verdelgt ze in bleek.foto Wouter de Wilde

De bewoner vertelt dat het hoogtepunt van de kevertrektocht van vijf uur ’s middags tot een uur of negen in de avond is. „Om kwart voor negen veeg ik ze dan op”, zegt Niks. Ze kiept ze daarna in een emmer met een laagje bleekmiddel. De bodem is na negenen niet meer te zien.