Wat doe je als je als ambtenaar onwettig beleid moet uitvoeren? Ambtenaren zijn in de praktijk vaak geneigd om tóch mee te werken wanneer een leidinggevende of bewindspersoon dergelijk beleid blijft doordrukken.
Denk aan oud-staatssecretaris Eric van der Burg (Asiel, VVD) die in 2022 het recht op gezinshereniging van statushouders tijdelijk blokkeerde. De juridische afdeling van zijn ministerie had al geoordeeld dat het geen stand zou houden bij de rechter, maar Van der Burg wilde het toch doorvoeren. De ambtenaren gehoorzaamden, maar uiteindelijk sneuvelde het beleid bij de Raad van State.
De vraag hoe terughoudend ambtenaren moeten zijn, is al jaren onderwerp van discussie. Onder meer voormalig topambtenaar Mark Frequin pleit in zijn boek Tegenspraak graag uit 2018 dat ambtenaren meer en vaker lef moeten tonen. In het boek haalt hij een voorbeeld aan uit 2003, toen Nederland steun verleende bij de inval in Irak. Een topambtenaar hield destijds een kritisch advies van juristen achter waarin stond dat de inval onwettig was. Frequin zag dat ambtenaren voorzichtiger zijn geworden, en meer geneigd om een bewindspersoon „uit de wind” te houden.
Ook Wytze Schaap en Bas Schotel, onderzoekers aan de Universiteit van Amsterdam, bogen zich over de discussie in een artikel voor juristenblad Ars Aequi. Zij zien hoe de afgelopen jaren de houding van de ambtenaar ten opzichte van de bewindspersoon „vooral een persoonlijk, moreel vraagstuk is geworden.” Onnodig, vinden zij, want het antwoord op de vraag hoe zij zich moeten verhouden tot de bewindspersoon ligt „eigenlijk al voor een groot deel in het recht”, zegt Schotel in het universiteitsgebouw in Amsterdam.






