"Het was heel moeilijk om een goede slipstream te geven", zei Hadjar na afloop op Spa-Francorchamps. "Wat het vooral moeilijk maakt, is dat je moet raden hoeveel vermogen de motor je gaat geven."

Hadjar vertraagde bij het uitkomen van Stavelot, zodat Verstappen achter hem kon aansluiten. Die ongebruikelijke actie had alleen gevolgen voor de werking van de motor. "De software raakt in de war, omdat je zonder reden stopt", legde Hadjar uit. "Bij mijn eerste poging in Q3 had ik veel te veel vermogen en reed ik juist bij hem weg."

De tweede poging verliep beter, al ging ook toen niet alles volgens plan. "Ik had juist weer te weinig vermogen en daardoor liep hij te snel op mij in. Ik kon hem helaas niet op het hele rechte stuk een tow geven. Het was heel moeilijk om alles goed in te schatten."

Toch leverde de samenwerking Verstappen ongeveer drie tienden tijdwinst op. De Nederlander eindigde achter polesitter Kimi Antonelli als tweede. Zonder de hulp van Hadjar was hij naar eigen zeggen niet verder gekomen dan de zesde plaats. "Volgens mij heb ik zo mijn werk gedaan", zei Hadjar. "Ik hoorde dat Max er heel blij mee was." Lachend: "Ik hoop dat ik een mooie bonus krijg van het team."

Een slipstream ontstaat wanneer een coureur vlak achter een andere auto rijdt en daardoor minder luchtweerstand heeft. De voorste auto breekt als het ware de lucht, waardoor de achtervolger op het rechte stuk een hogere snelheid kan bereiken. Dit effect wordt ook wel een tow genoemd.