Op een bankje voor zijn hotel in Miami hoeft Dave Webster er niet lang over na te denken. Argentijnen? Hij vindt ze maar niks. Webster (68) en zijn vrouw Sandra zitten te wachten op een taxi naar de luchthaven. Twee dagen eerder zaten ze in het stadion toen de Engelse nationale ploeg in de kwartfinale won van Noorwegen, door een doelpunt in de blessuretijd: 2-1.
Die twee tickets, op goede plekken, dichtbij het veld, hebben hem zo’n 17.000 dollar (bijna 15.000 euro) gekost, vertelt de geboren Engelsman. Hij heeft nog even gekeken of ze ook een plek konden vinden voor de halve finale van woensdag in Atlanta, maar daar was de prijs voor vergelijkbare stoeltjes nog hoger, kreeg hij te horen: 11.000 dollar per stuk. „Dat ga ik echt niet betalen om Argentinië te zien spelen. There is no way.”
Engeland tegen Argentinië – het is al ruim een halve eeuw een beladen confrontatie. Misschien dat voor de Engelsen alleen Duitsland als tegenstander nog iets meer losmaakt, en voor de Argentijnen buurland Brazilië. Al moet Webster bekennen dat hij van de lange voorgeschiedenis weinig weet: hij is al jong naar Canada verhuisd. Zijn frustratie zit vooral bij het spel van de huidige ploeg. Argentijnen zijn „duikelaars” en hebben in zijn ogen altijd de scheidsrechter mee.











