vandaag, 18:12Het Damsterdiep kent een lange historie. Tijd om daar eens in te duiken, dachten verslaggevers Joyce Kranenborg en Maartje Ettema toen ze uit de jachthaven van Appingedam vertrokken, op weg naar Winneweer. En wie beter om hen daarbij te helpen dan stadsgids Henk Dijkstra?Waar hij normaal gesproken bekendstaat als wandelend geschiedenisboek, kiest hij voor de gelegenheid het ruime sop. En zoals het een stadsgids betaamt steekt hij meteen van wal. Bekijk deze video op de site van RTV Noord(opent in nieuw venster)Diepgravende geschiedenis‘Dit is het zogenaamde Nieuwediep', vertelt Dijkstra als ze de jachthaven uitvaren. 'Een gegraven stukje dat uitkomt op het Damsterdiep. Dat is een oeroude vaarverbinding tussen de stad Groningen en de Eems. Hij bestaat aan deze kant voor deel uit de voormalige rivier de Fivel en het gegraven kanaaltje de Delf.' Dat gebeurde rond het jaar 1400. 'Dat is later het Damsterdiep geworden.' Het verschil tussen de oude rivier en de gegraven stukken is goed te zien, zegt Dijkstra. 'We varen straks over een stukje van de oude rivier, dat meandert heel mooi. Verderop, voorbij Winneweer en Ten Post is het een kaarsrecht stuk.' Hoe dan ook zijn het prachtige stukjes om te fietsen, zegt Dijkstra. 'De enige handicap is de wind. Voordat je op de fiets stapt moet je eerst kijken wat de windrichting is en daar je route op aanpassen. Anders trap je je helemaal wezenloos!'Kalkoven van weleerOnderweg valt Maartjes oog op een bijzonder bouwwerk. Het is kalkoven De Fivel. ‘Dit is de laatste authentieke kalkoven langs het Damsterdiep’, vertelt Dijkstra. Dat waren er meer. Zo staan er even voorbij Ten Boer ook drie, maar die zijn inmiddels verbouwd tot woonhuis, vervolgt hij. ‘Maar deze is onlangs gerestaureerd. Het is de enige in onze hele provincie die er nog zo uitziet zoals vroeger.’Dijkstra legt uit waar de kalkoven voor werd gebruikt. ‘In de kalkbranderij werden schelpen uit de Waddenzee verwerkt tot ongebluste kalk. Dat wordt gebruikt in de bouwwereld.’ De kalkoven is niet meer actief. ‘Maar er worden wel rondleidingen gegeven, ook in het gebouw zelf.’ Dure DamsterbootAl sinds het vertrek uit de jachthaven worden Joyce en Maartje op de voet gevolgd door de Damsterveer, de rondvaartboot van Appingedam. Reden voor Maartje om eens een kijkje te nemen aan boord. Achter het roer zit Henk Mulder. Hij vertelt hoe de rondvaartboot in Appingedam terechtkwam. ‘Een aantal mensen in Appingedam dacht: we moeten een rondvaartboot hebben in Appingedam. Toen zijn ze naar Giethoorn geweest en daar lag-ie op de werf. Maar ja, dat ding kostte 40.000 euro, en dat hadden ze niet op het nachtkastje liggen.’ Teleurgesteld keerden de aspirant schippers huiswaarts, maar ze lieten het er niet bij zitten. Met behulp van een crowdfundingsactie zamelden ze genoeg geld in om hun droom tóch waar te kunnen maken. Inmiddels vaart de boot al tien jaar in en rondom Appingedam, met dank aan 25 vrijwilligers.'Opstapper' Geert Jonker is een van hen. Hij legt uit wat een opstapper zoal doet. 'Ik help de schipper mee met alles wat hij niet kan. Het schip vastleggen en losmaken bij het afmeren, de gasten aan boord helpen, kaartjes verkopen.' Kortom: hij is veel op het water te vinden. Zijn vrouw Johanna is niet anders gewend. 'Hij is sowieso een zeeman!''Verhaal van bloed, zweet en tranen'Op de weg van Appingedam naar Wirdum komen de Rondje Zummer-boten langs een ander bijzonder stukje Groninger geschiedenis. Net voorbij landgoed Ekenstein staan de restanten van de voormalige steenfabriek Rusthoven. Hoewel de fabriek sinds 1965 gesloten is, blijft de herinnering aan de baksteenindustrie levend, mede dankzij Hendrik Jan Oterdoom van Het Groninger Landschap.‘Het was echt een verhaal van bloed, zweet en tranen’, vertelt hij aan boord van de Ranomi, de boot van Joyce en Maartje. Een kameraad van hem werkte vroeger in de fabriek, en Oterdoom was van meet af aan gefascineerd door zijn verhalen. ‘Op zijn sterfdag heb ik nog gezegd: ik blijf me altijd inzetten voor de steenfabriek.’ Hoe een belofte aan het sterfbed de geschiedenis van de Groninger baksteen levend houdt(opent in nieuw venster)Zeekanoles in WirdumIn Wirdum stappen Joyce en Maartje uit bij de zeekanoschool van Klaas Hofman. Al veertig jaar is hij verzot op het kanoën. ‘Maar niet altijd op het Damsterdiep hoor, mijn specialiteit is varen op zee.’ Jaarlijks reist hij meerdere weken per jaar naar Noorwegen, Polen of Portugal voor kanocursussen op zee. En in al die jaren maakte hij heel wat mee. ‘We waren een keer op Simonszand aan het logeren. Het mag eigenlijk niet, maar het werd wel gedoogd. Toen kwam er een helikopter aan, dus wij dachten: dit is foute boel.’ Maar niets was minder waar: de helikopterpiloot maakte alleen een sanitaire stop. Op het water bij Wirdumerdraai leert hij Joyce en Maartje nog even de fijne kneepjes van het vak. Nog, want in september neemt hij definitief afscheid als kano-instructeur. Met pijn in het hart, geeft hij toe. 'Maar ik blijf wel kanoën hoor!'SwieneparrediesVerderop langs de route komen Joyce en Maartje langs de plek van nóg een voormalige steenfabriek. Ook die staat er niet meer, maar de beide kapiteins hebben een afspraak naast de deur. Daar, bij de Tjassensheerd, bevindt zich zorgboerderij 't Swieneparredies. Bij de oude herenboerderij vangen Milan Sanders en Addie Johnson varkens op. ‘De varkens mogen hier lekker leven zoals varkens dat willen’, zegt Johnson. ‘Ze willen heel graag wroeten in de aarde en ze hebben water waar ze in kunnen liggen.’ Sanders kreeg de zorg voor varkens van huis uit mee. Zijn moeder Violette Sanders zette zich in voor het welzijn van varkens en om mensen te laten zien wat voor intelligente, sociale dieren het zijn. In 1999 opende ze 't Swieneparredies in Nieuw Scheemda en na haar overlijden nam haar zoon het stokje van haar over. Via Haren belandde de stichting uiteindelijk in Garrelsweer. Bar zonder biertapVan 't Swieneparredies is het snel door naar de kroeg, want van al dat gepraat hebben Joyce en Maartje wel dorst gekregen. Aangekomen bij Café de Brug komen ze voor een vervelende verrassing te staan: de tap ontbreekt. 'We zijn druk bezig met verbouwen', zegt kersvers uitbater Peter Brouwer. Het pand naast de draaibrug van Garrelsweer staat sinds oktober 2024 leeg en sinds een aantal weken is Brouwer druk bezig weer wat leven in de brouwerij te brengen. 'We hebben alles eruit gesloopt', vertelt hij, 'want alles wordt vernieuwd.' Behalve de naam. 'Die blijft gewoon De Brug. Dat heeft toch een naam in de omgeving, die moet je niet veranderen.' Begin september hoopt Brouwer de nieuwe tapkraan open te draaien. Voor Joyce en Maartje komt dat proostmoment te laat. Zij varen snel door richting Winneweer. Woensdag om 10.00 uur vervolgens ze hun route vanaf daar richting Ten Post en Stedum. En onderweg nemen ze een zeer sportieve passagier mee...Snoepen voor het goede doel: ‘Als ik daar zou werken zou ik de beste klant zijn’(opent in nieuw venster)Op vakantie naar Kroatië of toch naar de hangende keukens van Appingedam?(opent in nieuw venster)