Het staat er bijna als een plichtmatig zinnetje, in de jongste economische ramingen van het Internationaal Monetair Fonds die woensdag werden gepresenteerd. „De mogelijkheid van hervatting van het conflict in het Midden-Oosten is aanzienlijk”, staat er in het rapport, dat al aan journalisten was rondgestuurd voordat dinsdagavond en woensdag het oorlogsgeweld tussen de Verenigde Staten en Iran weer hevig oplaaide.

Dat het vorige maand gesloten bestand tussen de Verenigde Staten en Iran broos was, was al wel duidelijk. Maar dat uitgerekend op de publicatiedag van de IMF-ramingen het einde van het bestand zou worden aangekondigd door de Amerikaanse president, had ook het IMF niet kunnen bevroeden. Het onderstreept hoe moeilijk het is om prognoses te doen over de wereldeconomie, in deze tijden van ontwrichting en onrust. De Straat van Hormuz is weer onveilig terrein voor schepen, de Golfstaten worden weer aangevallen door Iran, en dus ontstaat weer opwaartse druk op de olie-, gas- en kunstmestprijzen. Dat betekent: lagere economische groei en hogere inflatie in de wereld.

De IMF-raming van woensdag is een update van het halfjaarlijkse rapport over de wereldeconomie (World Economic Outlook) van afgelopen april. Volgens de update komt de groei van het wereldwijde bbp dit jaar uit op 3 procent en volgend jaar op 3,4 procent. Die wijkt een fractie af van de Outlook in april (respectievelijk 3,1 en 3,2 procent).