Op de ochtend van de Tweede Kamerverkiezingen, 29 oktober 2025, brengt Rob Jetten zijn Argentijnse verloofde en profhockeyer Nicolás Keenan koffie op bed. Jetten slaapt al nachtenlang slecht. Het komt steeds dichterbij, hij kan premier van Nederland worden.
Voor deze verkiezingsdag heeft Jetten zijn donkergrijze pak en zwarte leren schoenen met dubbele gespen uit de kast getrokken. Hij wandelt naar het stembureau bij hem in de buurt, toevallig ook een paar honderd meter van het Catshuis in Den Haag, de ambtswoning van de minister-president.
Op de stoep voor het stembureau wachten zo’n tien journalisten, ook van buitenlandse persbureaus. En iedereen gebruikt al het woord ‘premier’.
„Als u premier wordt”, vraagt een verslaggever van RTL Boulevard, „hoe gaat u dan een bruiloft plannen?” Ontbijtnieuws, ook van RTL, vraagt waar zijn appeltje is. Zo ging Mark Rutte altijd stemmen: op de fiets met een appeltje in zijn hand. AFP wil weten: „Wat is uw visie op Nederland, nationaal en op het wereldtoneel?”
Die avond blijkt: de man die op zijn 22ste fractievoorzitter was van D66 in de Nijmeegse gemeenteraad, die op zijn 31ste fractievoorzitter werd in de Tweede Kamer en op zijn 34ste minister was, wordt op zijn 38ste de jongste Nederlandse premier ooit.












