Omer Bartov gaat voorlopig niet terug naar Israël. De hoogleraar Holocaust- en Genocidestudies aan de Amerikaanse Brown University voelt zich niet meer veilig in zijn geboorteland. Liever wacht hij af tot na de verkiezingen later dit jaar. Als premier Benjamin Netanyahu verliest, kan dat Israëls „afglijding naar een volledig autoritaire, autocratische apartheidsstaat” op zijn minst een beetje vertragen, denkt hij.
Want onder de huidige regering zou Bartov (72) wel eens kunnen worden opgepakt. De kans is voor Joodse Israëliërs verwaarloosbaar, erkent hij tijdens een videogesprek vanuit Portugal, waar hij is voor een Europese boekentour. Toch is dat de afgelopen jaren verschillende malen gebeurd met Israëliërs die zich uitspreken tegen de staat.
„Israël is inmiddels eigenlijk geen rechtsstaat meer”, zegt Bartov. Het Israëlische hooggerechtshof, door veel Israëliërs gezien als baken van democratie, heeft zichzelf „volledig in diskrediet gebracht” door apartheid op de Westelijke Jordaanoever te faciliteren en te zwijgen over Gaza.
Zich uitspreken over Gaza is wat Bartov de afgelopen jaren deed. „Ik ben een genocide-onderzoeker. Ik herken er een als ik die zie”, schreef hij in een veel gedeeld essay in The New York Times in juli 2025. In november 2023 had hij in dezelfde krant gewaarschuwd dat Israëls aanvallen op Gaza konden uitmonden in genocide, maar dat het nog niet zover was. De Israëlische invasie van de stad Rafah in het zuiden van Gaza – door westerse politici gepresenteerd als ‘rode lijn’ – en een bezoek aan Israël in de zomer van 2024, deden zijn beeld kantelen.






