Het is een lekker showtje, bovenop de berg Montjuic in Barcelona. Terwijl Isaac del Toro als eerste over de finish gaat, pakt zijn ploeggenoot Tadej Pogacar hem vast en maakt een triomfantelijk gebaar: kijk deze winnaar eens even! Als de twee even verderop stilstaan, tilt Pogacar zijn teamgenoot juichend de lucht in. De boodschap is duidelijk: onze ploeg heeft de tweede etappe van de Tour volledig naar zijn hand gezet.

Toch rolt de échte winnaar een paar meter achter Pogacar en Del Toro over de finish: Jonas Vingegaard. De kopman van Visma-Lease a Bike wordt weliswaar vierde, maar rijdt na het openingsweekend van de Tour wel mooi in de gele trui – iets wat weinigen vooraf voorspelden. Waarschijnlijk ook niet de Visma-stafleden die een paar honderd meter verderop op een tv’tje in de zijkant van hun teambus naar de ontknoping van de etappe staan te kijken, lurkend aan een blikje spa. Ze slaan elkaar tevreden op de schouders.

Voor de zesde keer op rij is de Tour een strijd tussen twee ploegen: Visma van Vingegaard en Team UAE Emirates van Pogacar. De laatste ploeg is rijker, hun kopman is de beste wielrenner ter wereld. Qua materiaal, training en voedingsleer ontlopen beide ploegen elkaar nauwelijks, maar Visma heeft in de loop der jaren vaker uitgeblonken in tactisch vernuft en de kracht van het collectief. Als je niet de sterkste bent, moet je slim zijn: met die filosofie kon Vingegaard in 2022 en 2023 de Tour winnen van Pogacar, de beste wielrenner ter wereld.