Wortelen op vruchtbare grond gaat sneller dan je denkt. Kijk naar de moestuin in een hoekje van Mrija, de tijdelijke wijk voor 750 Oekraïense vluchtelingen in Vlaardingen. Een veldje tussen de containerwoningen op gemeentelijk groen, vol fruitbomen en kruiden, afrikaantjes, zonnebloemen, chrysanten en gele rozen, op eigen houtje afgezet met een miniatuurhekje.

In dit hoekje wonen de oma’s van de wijk. Sommigen al vier jaar. Gevlucht uit een dorpje ver weg en van de ene op de andere dag neergezet op een grasveld langs een metrolijn in Zuid-Holland. Sommigen komen Mrija niet meer uit, doen éénmaal daags een rondje met de rollator. En Nederlands leren op je negentigste heeft ook niet zoveel zin. Maar die moestuin… „De gemeente vroeg ons: wat moeten we ermee?” zegt locatiemanager Leonieke Schouwenburg, die stopt voor het perkje dat is aangelegd zonder toestemming. „We hebben gezegd: laat maar staan. Want deze oma’s zijn hier elke dag bezig, met elkaar.”

In Mrija – „droom” in het Oekraïens – wonen vluchtelingen niet in een kantoorpand of op een asielboot met gedeelde faciliteiten, maar in een volwaardige containerwoning met een eigen badkamer en een eigen keuken waarin je zelf bepaalt wat je eet, hoe laat je eet en met wie je eet. „Haalt al een hoop stress weg”, zegt Schouwenburg, die namens Stichting Inclusia op talloze opvanglocaties vluchtelingen ondersteunt – en de verschillen ziet.