De zaak

Medinello is een zorginstelling voor medisch specialistische revalidatiezorg (MSR) voor mensen met chronische pijn. Tussen 2019 en 2025 had de instelling geen contract met zorgverzekeraar Zilveren Kruis (sinds 2025 is er wel zo’n contract afgesloten). Patiënten die verzekerd waren bij Zilveren Kruis en toch voor Medinello kozen, konden niettemin een groot deel van de kosten vergoed krijgen (de regering wil overigens af van deze wettelijke regeling voor niet-gecontracteerde zorg). Maar daarvoor moesten ze wel een machtiging hebben van de zorgverzekeraar, die dan onderzoekt of de patiënt op die behandeling redelijkerwijs is aangewezen.

Zorgverzekeraars hanteren daarbij een zogenoemde drietrapsraket. Ze beoordelen of het gaat om zorg die medici plegen te bieden; of die zorg aan de stand van de wetenschap en praktijk voldoet; en of de persoon in kwestie een indicatie heeft voor die behandeling. Medinello vindt dat Zilveren Kruis te veel toetste en te veel machtigingen weigerde.

Bij de onenigheid speelt het advies van Zorginstituut Nederland (ZIN) een rol. Het ZIN adviseert over welke zorg in het basispakket opgenomen kan worden. In dit geval had het gerapporteerd dat revalidatieartsen MSR inderdaad ‘plegen te bieden’. En vanaf in ieder geval 2020 voldeed die zorg volgens het ZIN aan de stand van wetenschap en praktijk. Maar een paar jaar later kwam de organisatie terug op dat oordeel, toen bleek dat enkele wetenschappelijke tijdschriften twee van de drie artikelen hadden ingetrokken waarop het eerdere positieve advies was gebaseerd. Die nieuwe uitspraak had op zichzelf geen terugwerkende kracht, er zou alleen nader onderzoek moeten komen naar de effectiviteit.