Voor vrouwen die gevaccineerd zijn met het HPV-vaccin is de kans om te overlijden aan baarmoederhalskanker nagenoeg nul. Dat blijkt uit de grootste studie tot nu toe naar de relatie tussen het HPV-vaccin en het aantal sterfgevallen door baarmoederhalskanker. De Britse studie verscheen afgelopen week in The Lancet.
De Britten begonnen in 2008 met het vaccineren van meisjes tegen HPV. De onderzoekers keken hoeveel vrouwen tussen 2001 en 2024 overleden aan baarmoederhalskanker, en legden dat naast data over de vaccinatiegraad per leeftijdsgroep in diezelfde jaren. Vooral opvallend: tussen 2020 en 2024 waren er in het Verenigd Koninkrijk nul doden door baarmoederhalskanker in de leeftijdscategorie 20 tot en met 24 jaar. In deze groep liet bijna negentig procent zich rond haar 12e vaccineren tegen HPV. Zonder vaccin, schatten de onderzoekers, zouden ongeveer 23 vrouwen in die leeftijdsgroep zijn overleden.
Bij vrouwen die zich iets later hebben laten vaccineren, tussen hun 13e en 18e, kwam overlijden aan baarmoederhalskanker ook nog steeds tot wel tachtig procent minder voor dan zonder vaccin. Maar hoe vroeger, hoe beter, laat dit onderzoek zien.
Lage vaccinatiegraad in Nederland
Baarmoederhalskanker wordt veroorzaakt door het Humaan Papillomavirus (HPV). Bijna iedereen raakt in zijn of haar leven, door seksueel contact, besmet met dit virus. In de meeste gevallen ruimt het lichaam het virus op. Maar bij langdurige infectie kan het ook verschillende soorten kanker veroorzaken, waaronder dus baarmoederhalskanker, maar ook bijvoorbeeld kanker van de anus, schaamlippen en mond. In Nederland overlijden per jaar ongeveer 200 vrouwen aan baarmoederhalskanker, de meeste ouder dan dertig.










