Bij de ingang van de Amsterdamse Gashouder krijgen we oordoppen uitgereikt. Oordoppen bij een klassiek concert? Wonderlijk. De IJslandse filmcomponist Hildur Gudnadóttir speelt op het Holland Festival de bekroonde muziek die zij componeerde voor de HBO-serie Chernobyl.

In de grote ronde fabriekshal staat het publiek rondom een podium vol elektronica. Je kunt er omheen lopen, op de grond gaan zitten, of erbij gaan liggen. Het concert begint traditioneel. Het Groot Omroepkoor onder leiding van Benjamin Goodson zingt aan de noordzijde van de hal a capella composities van Gudnadóttir. Neoklassiek, simpel en doeltreffend – het doet denken aan minimal music à la Arvo Pärt. Dat geldt zeker voor ‘Vichnaya pamyat’ (eeuwige herinnering), gebaseerd op een Slavisch christelijk gebed voor de doden.

Dit eerste deel legt een emotionele bodem onder de rest van het concert, dat bestaat uit een indringende soundscape die van het hoofdpodium komt. Hier staan drie elektronische muzikanten, onder wie Sam Slater, de partner van de componist. Zijzelf fungeert als zangeres van lange, vervormde noten die warmte geven aan het klanktapijt.

Veldopnames uit kerncentrale

Gudnadóttir maakte veldopnames in de gesloten kerncentrale in Litouwen waar de serie werd gefilmd. Deze industriële geluiden heeft ze flink door de computer gehaald. Het bromt, dondert, kraakt en ruist. De hal trilt van de luide lange dreunen met daar overheen metalige, pulserend klanken. Met duistere noise, afgewisseld door wanhopige ambient verklankt zij de ramp met de Russische kerncentrale bij Tsjernobyl, eind april 1986.