In 1995 loopt Ajax-talent Martijn Reuser naar het trainingsveld. Voor het eerst heeft hij zijn nieuwe voetbalschoenen aan: witte Asics Tigers. Ze zijn een dag eerder thuis bezorgd. Voor de zekerheid neemt hij naar het veld ook zijn zwarte schoenen mee. In de kleedkamer waren de witte ‘kicksen’ met hoongelach ontvangen, vertelt hij telefonisch aan NRC. Ook speculeerde de rest van de Ajacieden, die dat seizoen de Champions League zouden winnen, over de reactie van trainer Louis van Gaal.

Na een paar rondjes om het veld om op te warmen, komt Van Gaal het veld opgelopen. „Daar is ’ie”, zeggen de spelers grinnikend tegen Reuser. „Fwuut!” Van Gaal blaast op zijn fluit en wuift de selectie naar zich toe. „Reuser, g**********! Wat heb jij aan? Jou ga ik niet trainen met die schoenen!” De tirade van Van Gaal duurt ongeveer een minuut, waarna Reuser liegt dat de schoenen waren bedoeld als grapje. „Mijn zwarte schoenen liggen daar, naast de borden”, zegt hij, maar vergeefs. Van Gaal is er niet van gediend: Reuser moet meetrainen met de beloftes en wordt een week lang buitengesloten van het eerste elftal.

Per e-mail noemt Van Gaal de anekdote „waarschijnlijk een waarheid in de context van [Reuser]”. Volgens de oud-trainer van Ajax ging Reusers keuze voor de witte schoenen „in tegen het teamgevoel”. „In die tijd waren de schoenen zwart en niet in een kleur”, schrijft Van Gaal.