Vaders en andere partners van een vrouw die is bevallen kunnen sinds 2020 vijf weken aanvullend geboorteverlof opnemen. Dat komt bovenop een week volledig betaald verlof, dat vaak volgt op de geboorte.

Het idee is dat vaders en moeders de taken thuis gelijker kunnen verdelen, zodat kersverse moeders meer ruimte krijgen voor hun betaalde baan. Zij gaan er qua inkomen gemiddeld hard op achteruit als ze een kind krijgen. Maar onderzoek wijst uit dat vaders in ongelijke mate gebruikmaken van de verlofregeling.

Tijdens het aanvullend geboorteverlof van maximaal vijf weken krijgen werknemers 70 procent doorbetaald. Sommige werkgevers vullen het salaris aan tot 100 procent.

Uit eerder onderzoek bleek dat 74 tot 84 procent van de vaders hiervan gebruikmaakt, maar dat percentage valt toch lager uit. Slechts 59 procent van de 332.000 onderzochte vaders neemt het aanvullend geboorteverlof op, blijkt uit onderzoek van economen Zichen Deng en Coen van de Kraats, dat gepubliceerd is in economenblad ESB.

Er zijn grote verschillen tussen vaders met verschillende inkomens. In de laagste inkomensgroep neemt ruim één op de drie mannen het aanvullend verlof op. Onder middeninkomens is dat bijna het dubbele.