„Joep”, zei Gert van ’t Hof: „waar ben je?” In de studio van de NOS WK Avond klonk enkel het gekuch van een voetbalfan. Joep gaf geen antwoord, want hij was er niet. Om toch op te helderen waar sportverslaggever Joep Schreuder uithing werd er een filmpje ingestart, dat begon met een reeks weinig samenhangende beelden.

Daar: een stel mannenvoeten. Een verkeersbord met de naam van Joep Schreuder erop. Joep Schreuder met een sombrero. Een voetbalstadion, van bovenaf gezien. De Golden Gate Bridge, van onderaf gezien. Joep Schreuder in een auto. Joep Schreuder met wat schapen. Joep Schreuder met een cowboyhoed. Weer Joep Schreuder in een auto. Nog eens dat bord: „JOEP”.

Ieder beeld duurde ongeveer een seconde en kwam met een eigen geluid. Gejuich, een muziekje, een mannenstem; alles smolt lawaaiig samen. De leader voor het item van Joep Schreuder voelde niet zozeer als een leader, maar eerder als een fascinerende tocht door het onderbewuste van Joep Schreuder. Zou dit zijn wat Joep Schreuder ziet en hoort als hij in slaap valt: zichzelf, met verschillende modellen hoedjes op en twee liedjes tegelijk op de achtergrond?

Het beeld werd wat rustiger. Joep Schreuder legde uit dat hij vandaag 75 kilometer ging rijden in een auto, in noordelijke richting, naar Monterrey. Blijkbaar had de NOS Joep Schreuder in de aanloop naar het WK op een vliegtuig naar Mexico gezet. Dat was me even ontgaan. Er gebeurt ook zo veel. Langs de snelweg zag Joep Schreuder intussen „dieren en kalmte, en toch ook heel veel controles van talrijke trucks. Dit is de route natuurlijk hè, tussen Mexico en Amerika. Hier en daar moeten we dus wel een beetje oppassen. Maar: prima”, vond Joep Schreuder. „We gaan naar de WK-stad Monterrey.” Tenminste: straks. Nu ging hij even koffie halen.