Voor de deur is het een modderpoel; werklui zijn nog druk bezig stapels stoeptegels op de juiste plek te krijgen. Maar binnen kunnen de lessen op middelbare school Guido in Arnhem inmiddels beginnen - dankzij twee grote batterijen.
Het had niet veel gescheeld of deze school had nog veel langer in haar tijdelijke huisvesting moeten blijven, vertelt directeur Erik-Jan Hakvoort als ik op bezoek kom. Het nieuwe gebouw van zijn school kon geen zwaardere aansluiting op het stroomnet krijgen, waardoor een lange periode op de wachtlijst dreigde.
"Dat kon nog wel even duren, het zou ergens in de jaren dertig worden", zegt Hakvoort, die zijn carrière begon als stagiair op deze school. Nu staat hij extra trots voor een aula vol leerlingen die voor het eerst mogen rondkijken in hun gloednieuwe gebouw. Al zullen ze de batterijen niet snel zien staan - die zitten verstopt achter een dikke muur.
Ik heb in deze rubriek al vaker geschreven over de razendsnelle opkomst van batterijen. Meestal ging het dan over gigabatterijen die direct op het hoogspanningsnet worden aangesloten, of in een zonne- of windpark worden geplaatst.
Maar op kleinere schaal gebeurt ook een heleboel. Thuisbatterijen schieten als paddenstoelen uit de grond en ook bij bedrijven komen er een heleboel batterijen en slimme energiesystemen bij. Zo kunnen zij hun stroomgebruik uitbreiden zonder een zwaardere aansluiting, schreef collega Tim Wijkman-Van Aalst onlangs.












