Hoe hij het hoorde? Raymond Victoria kan het zich echt niet meer herinneren. Wellicht was het de bondscoach zelf die belde, misschien ook wel iemand van de voetbalbond, of kwam het verzoek gewoon per brief. Hoe dan ook: zijn oproep voor het nationale elftal van de Nederlandse Antillen maakte in 2004 weinig indruk. Veelzeggend voor het aanzien dat de ploeg destijds genoot.
Toch besloot Victoria op de uitnodiging in te gaan. De oud-voetballer van Feyenoord en Bayern München was 31 jaar, een bepalende speler op het middenveld van Willem II. De hoop dat de bondscoach van het Nederlands elftal hem nog ging bellen had hij wel opgegeven. En omdat zijn vader op Curaçao geboren was, kon de Nederlander ook voor de Antillen uitkomen. „Ik dacht toen: als je Oranje niet haalt, kun je nog wel je roots steunen.”
Wat hem overtuigde, was de droom die de Antilliaanse bond NAVU hem voorhield. Een plan van een lange adem: bouwen aan een selectie die goed genoeg was om óóit aan een wereldkampioenschap mee te doen. Een ongekende ambitie voor een eilandengroep met 190.000 inwoners, met een nationale ploeg die tot dan toe vooral bestond uit amateurvoetballers. Alsof de gemeente Breda aan het WK wilde meedoen.















