Lange tijd ging het steeds beter met de biodiversiteit in Nederlandse rivieren, beken en meren. Maar die trend is gestopt, waarschuwen het Wereld Natuur Fonds (WWF-NL) en natuurorganisaties SoortenNL en Sovon dinsdag in het tweejaarlijkse Living Planet Report. Het herstel van de biodiversiteit in de Nederlandse zoetwaternatuur is volgens de organisaties gestagneerd, of gaat op veel plekken zelfs achteruit.
De organisaties baseren hun waarschuwing op onderzoek naar de populatietrends van 176 diersoorten in „rivieren, beken, moerassen, plassen, vennen en hoogvenen”. In de twintigste eeuw gingen die populaties door milieuvervuiling hard achteruit. Dankzij succesvol milieubeleid in de tweede helft van die eeuw kwamen de dieren weer terug: tussen 1990 en 2025 groeide de totale populatie zoetwaterdieren volgens de natuurorganisaties met 60 procent. Op land ging het destijds minder goed: daar nam het aantal dieren met zo’n 30 procent af.
Inmiddels is het biodiversiteitsherstel in beken en rivieren echter weer „omgeslagen in achteruitgang”, schrijven de natuurorganisaties. Dat heeft verschillende oorzaken. In de beken en rivieren kampen dieren met een verlies van natuurlijke oevers en een overschot aan gif; in plassen en sloten is het waterpeil regelmatig te hoog of juist te laag. Ook bevatten sloten veel bestrijdingsmiddelen.














