Ik had het boek Mussert van Auke Kok over NSB-leider Anton Mussert nog maar koud uit of ik vond me terug in het Openlucht Theater Valkenburg, niet alleen het mooiste openluchttheater van Nederland, maar ook de plek waar Anton Mussert tot diep in de Tweede Wereldoorlog succesvolle massabijeenkomsten hield. Tot in 1945 stroomde het in een grot uitgehouwen theater vol. Twee plaquettes op de weg naar boven herinnerden hieraan. Valkenburg was ideaal voor dit soort manifestaties: goede verbindingen, veel hotels en een toeristische omgeving. Een van de vele vrijwilligers van het theater becommentarieerde een foto op een van de plaquettes. Wat hem opviel waren natuurlijk de vele aangetreden jeugdstormertjes, het stadje worstelde tot ver na de oorlog met het foute oorlogsverleden. Ik moest maar eens naar de sokken kijken van al die aangetreden jongens. Er zat er eentje tussen met een andere kleur sokken, je zou er volgens hem een stil protest in kunnen zien.
„En dan vraag ik mij af, zou dat mijn vader geweest zijn?”
De kans was klein, dat vond hij zelf ook, maar mocht hij in het zwarte verleden dan geen heroïek fantaseren?
Hij gaf zelf het antwoord: „Natuurlijk mag ik dat.”
Ik was gek genoeg nog nooit in Valkenburg geweest, het was alsof ik tijdens een wandeling door de binnenstad een reis terug in de tijd maakte. Als ik een jaartal moet noemen: 1988. Het eten en drinken binnen de stadspoorten was relatief goedkoop, een bord vol schnitzel voor nog geen vijftien euro, en dus zaten de terrassen vol met dagjesmensen. De sfeer was liederlijk. Af en toe passeerden onder luid gejuich wielrenners, er was geen wedstrijd, maar schijnbaar is het een traditie dat iedereen die de Cauberg heeft beklommen met applaus in de binnenstad wordt begroet. In Valkenburg is het iedere dag Amstel Gold Race, niet iedereen is daar even blij mee, maar het is wel waarom Valkenburg bekend is.










