In 2016 bestond nog zo'n 57 procent van de wereldwijde valutareserves uit dollars. Eind 2025 was dat aandeel gedaald naar ongeveer 40 procent. Daarmee verliest de dollar wat terrein. Toch blijft de munt veruit de belangrijkste reservevaluta.
De euro volgt op afstand en is qua aandeel behoorlijk stabiel gebleven. Eind 2025 bestond ongeveer 14 procent van de reserves uit euro's. Andere valuta spelen een kleinere rol, maar winnen wel iets aan populariteit. Landen houden buitenlandse valutareserves aan om zich te beschermen tegen economische onzekerheden.
De dominante positie van de dollar levert de Verenigde Staten voordelen op. Veel internationale handel, zoals oliehandel, vindt plaats in dollars. Mede daardoor blijven de waarde van en het vertrouwen in de dollar gemakkelijker op peil.
De VS houdt zelf relatief weinig reserves aan in buitenlandse valuta. De reserves die er zijn, bestaan vooral uit euro's en Japanse yens. Het aandeel euro's in de Amerikaanse reserves groeide van 59 procent in 2016 naar 69 procent in 2025.
Veel landen kiezen ook steeds vaker voor goud, dat wordt gezien als een veilige buffer in onzekere tijden. Landen gebruiken het als bescherming tegen grote schokken in het financiële systeem.














