Ellen ten Damme was elf jaar geleden op zoek naar een „buitenverblijf” op de Waddeneilanden, toen ze hoorde dat kennissen hun huis in de Dordogne te koop hadden gezet. Uit nieuwsgierigheid ging ze kijken, en ze was meteen verkocht. „Maar toen wilden ze het opeens niet meer verkopen. Ik ben in de omgeving gaan zoeken naar iets vergelijkbaars, heb een bod gedaan en opeens had ik het.”

Het, dat is geen huis, maar een landgoed: tien hectare grond met een grote boerderij, twee kleinere huizen, een grote schuur en zes kleinere. Het zwembad liet ze zelf aanleggen. „Het klinkt allemaal heel gewichtig, maar het is gewoon een oude zooi, natuurlijk.” Idyllisch, dat wel: „Eigenlijk alles wat je je voorstelt bij een boerderij in Zuid-Frankrijk. Lange tafels onder bomen, fruit en noten uit de tuin. Er zit ook een bosje bij. Af en toe valt er een boom om en dan zaag je hout voor de open haard. Ik rijd rond op de tractor en ga in vieze kleren naar het café. Voor mij voelt dat heel vertrouwd. Ik kom uit de Achterhoek, ik speelde vroeger altijd op de boerderij.”

„Je kan daar natuurlijk ook een boerderij hebben”, zegt ze. „Maar dat is toch anders. Het is maar een dag rijden naar de Dordogne, maar het heeft wel echt iets buitenlands. Op vrijdagochtend eet ik oesters op de markt.”