Maatschappelijk betrokken zijn ze allebei – alleen niet langer vanuit de universiteit en hun onderzoeksinstituten. Leo Lucassen en Jan Willem Duyvendak, een vooraanstaande migratiehistoricus en een socioloog, gaan met pensioen.

Los van elkaar schreven ze jarenlang over actuele thema’s en lieten ze zich gelden in het publieke debat. Lucassen (1959) bracht lijvige boeken uit over migratie door de eeuwen heen en bombardeerde kranten met waarschuwingen tegen extreemrechts en xenofobie (score de laatste vier jaar: 28 opiniestukken). Duyvendak (ook 1959) publiceerde over emancipatie, het ‘thuisgevoel’ in de samenleving en ‘nativisme’ (de ideologie dat ‘autochtonen’ superieur zijn en blijven aan migranten). Recent baarde hij opzien met Spookkloven, een met cijfers en statistieken onderbouwd betoog dat Nederland, ondanks paniek over polarisatie, steeds eensgezinder en gelijker is geworden.

Twee linkse wetenschappers met pensioen, in rechtse tijden. Hoe voelt dat?

Lucassen brandt los: „Als je ‘linkse wetenschapper’ zegt impliceer je dat de kennis die iemand produceert politiek gekleurd is. Tegen die beeldvorming verzet ik me, al moet je uiteraard altijd kritisch naar jezelf blijven kijken. Ik ben wetenschapper, ik werk vanuit nieuwsgierigheid. Je conclusies moeten niet al van tevoren vaststaan. Je politieke opvattingen kunnen natuurlijk een rol spelen in de keuze van je onderwerpen, maar ook dan zul je je aan academische regels moeten houden.”