Waarom zou je jezelf dit aandoen? Het is een vraag die soms door mijn hoofd schiet wanneer ik de hoofdpersoon van een sportfilm weer tot bloedens toe zie trainen voor een uitzonderlijke prestatie of nieuw wereldrecord. Ook in twee films die deze week uitkomen, A Wolf Among the Swans en Fantastique, zitten klassieke sportfilmbeelden: teennagels die na eindeloos oefenen zwart worden en uitvallen, trainers die oreren „als je je werk niet beheerst, ben je niks”. Alleen wordt al snel duidelijk dat de hoofdpersonen niet alleen gedreven worden door perfectionisme of erkenning: ‘sportieve’ kwaliteiten blijken in beide films ook een uitweg uit armoede.

De meer traditionele sportfilm is A Wolf Among the Swans, gebaseerd op het leven van de Braziliaanse balletdanser Thiago Soares. We leren hem kennen als zelfverzekerde hiphopdanser in de straten van Rio de Janeiro in de jaren negentig. De leiding van zijn streetdancegroep herkent Soares’ talent, maar ziet ook zijn gebrek aan discipline en collegialiteit en raadt hem aan zich aan te melden bij een balletschool. Daar betalen ze mannelijke dansers.

De film lijkt te veel respect voor zijn onderwerp te hebben om Soares’ minder mooie kanten in de diepte te belichten. Zijn weerstand en vooroordelen tegen ballet– „iets voor homo’s” – smelten meteen zodra de jonge danser merkt hoeveel vrouwelijke aandacht hij krijgt op de balletschool. Soares haalt in recordtempo fenomenale successen.