Na de aankondiging eind maart dat een skelet in een Maastrichtse kerk mogelijk van de beroemde Franse musketier d'Artagnan zou zijn, kreeg de opgraving vooral aandacht vanwege de controverse eromheen. Er ontstond een conflict tussen de gemeente en de betrokken archeoloog Wim Dijkman over wie het onderzoek leidt.

In een brief schrijft Maastricht vrijdag dat het begin dit jaar om "een illegale opgraving" ging. Voor elke ingreep in de bodem van een rijksmonument moet namelijk een vergunning worden afgegeven. Dat was niet het geval voor de kerk in Wolder waar de botten werden gevonden, bericht het ANP.

De gemeente beticht Dijkman er bovendien van zich niet te hebben gehouden aan de "in de beroepsgroep geldende norm voor archeologische opgravingen". Hierdoor is volgens de gemeente sprake van "een aanzienlijk verlies van informatiewaarde" rondom de opgraving.

Eerder deze maand weigerde Dijkman de botresten af te staan aan de gemeente of de Erfgoedinspectie. De gepensioneerde archeoloog had de botresten verstopt op een onbekende plek omdat hij geen vertrouwen had in de aanpak van de gemeente. Als gevolg daarvan werd Dijkman even aangehouden.

Of het inderdaad gaat om de botten van d'Artagnan moet nog blijken. Inmiddels heeft de gemeente de regie genomen en vond er een noodopgraving plaats. Doel is volgens Maastricht om "zoveel mogelijk informatie uit deze vondst naar boven te halen" en te kijken "of het hier mogelijk om d'Artagnan kan gaan". Aanvankelijk werd het skelet ontdekt toen de vloer van de kerk werd opengebroken voor herstelwerkzaamheden.