Midden 12de eeuw gaf koning Rogier II van Sicilië opdracht tot het maken van een wereldkaart. In lijn met het internationale karakter van zijn hof, werden de 70 kaarten van de atlas getekend en van commentaar in het Arabisch voorzien door de islamitische cartograaf Muhammad al-Idrisi. Hij verdeelde de toen bekende wereld, bestaande uit Europa, Azië en Noord-Afrika, in zeven „klimaatzones”. Een daarvan, van het huidige Turkije tot in Frankrijk, omvat een gebied dat al-Idrisi Vlaanderen noemt, dat „uiterst vruchtbaar [is], bedekt met dorpen en akkers, en zijn rijkdom te danken [heeft] aan zijn steden”.

Het wereldbeeld dat spreekt uit de zogenaamde Kitab Rujar (boek van Rogier, getoond in een zeldzame 16de-eeuwse kopie, nu in Oxford) is exemplarisch voor de expositie Breedbeeld. Verweven werelden van Brugge, 900-1550. Aan de hand van zo’n 250 kunstobjecten, manuscripten en gebruiksvoorwerpen geeft die een prachtig beeld van de positie van Vlaanderen en Brugge in mondiale netwerken op het gebied van handel, diplomatie, wetenschap en cultuur van de Middeleeuwen. Daarmee voegt de tentoonstelling een nieuwe dimensie toe aan de geschiedschrijving van de stad. Terwijl die zich traditioneel richt op de wonderbaarlijkheid van Brugge als op zichzelf staand centrum in het laatmiddeleeuwse hertogdom Bourgondië, is er nu juist aandacht voor haar verwevenheid met verre gebieden en culturen. Die beslaat ook de veel langere periode van minstens zeven eeuwen voorafgaand aan de economische neergang van de stad rond 1550 – als gevolg van de verzanding van het Zwin, de waterweg naar de Noordzee.