Dinsdagmiddag heeft de Eerste Kamer ingestemd met het wetsvoorstel dat de implementatie van het Europese asiel- en migratiepact regelt. De senaat geeft hiermee ook akkoord voor de aanvullende, strengere nationale maatregelen die het kabinet bovenop het migratiepact wil invoeren – ondanks stevige kritiek op die plannen van onder meer het College voor de Rechten van de Mens. Een meerderheid van de Tweede kamer stemde begin april al in.

Het EU-migratiepact gaat na jaren van onderhandelingen over de inhoud ervan op 12 juni 2026 in. Het pact bevat een verzameling aan regels die de Europese Unie en haar lidstaten moeten helpen ‘grip op migratie’ te krijgen. Voor Nederland betekent de implementatie ervan de grootste wijziging van het asielstelsel in decennia. „Een historische stap,” vindt minister van Asiel en Migratie Bart van den Brink (CDA).

In het pact staan onder meer afspraken over strengere en snellere controles aan de buitengrenzen van de EU, in het bijzonder voor vluchtelingen uit ‘veilige’ landen die weinig kans zouden maken op asiel. Vluchtelingen die aankomen via een buitengrens – ook gezinnen met kinderen – kunnen bovendien in detentie gezet worden tijdens de loop van hun asielprocedure.