Het was Winsum, het dorpje in het Groningse aardbevingsgebied, dat de ogen van Reinier van Zutphen opende, zo’n vier jaar geleden. „Ik moet nog vaak denken aan die foto van mensen in een enorm lange rij voor het gemeentehuis”, vertelt de Nationale Ombudsman in zijn kantoor in Den Haag. Gedupeerden van de bevingen stonden urenlang in de kou te wachten om subsidie aan te mogen vragen voor de versterking van hun huizen. „Mensen moesten wachten om zich te mogen mélden voor iets waarvan de staat zegt dat ze daar récht op hebben.”

Daarna is Van Zutphen erop gaan letten en zag hij die houding van de overheid de hele tijd terugkomen. Bijvoorbeeld toen vorig jaar het Tijdelijk Noodfonds Energie voor de derde keer werd opengesteld en alleen burgers met digitale mogelijkheden zich konden aanmelden. Maar ook structureler: jongeren met een Wajong-uitkering die in de problemen komen omdat ze hun zorgpremie niet kunnen betalen, maar ook geen zorgtoeslag aanvragen. „Terwijl je, als je de data van die verschillende instanties combineert, kunt zien om wie het gaat en ze erop wijzen dat ze toeslag kunnen aanvragen.”

Van Zutphen: „Ik begon een patroon te zien, een patroon dat vraagt om een andere houding van de overheid.” Dat is dan ook de rode draad door zijn jaarverslag, dat hij deze donderdag presenteert aan de Tweede Kamer. De overheid, stelt hij, is te afwachtend.