vandaag, 21:00De komst van een asielzoekerscentrum (azc) of noodopvang leidt vaak tot vragen over veiligheid. Ook in Apeldoorn is veiligheid één van de grootste zorgen van bewoners in de wijk De Maten, waar de komst van een noodopvang op tafel ligt. Op protestborden staan waarschuwingen over onveiligheid en ook op straat klinkt de vraag: wat betekent de komst van een opvang voor de veiligheid in de wijk?Omroep Gelderland ging De Maten in om de zorgen van bewoners op te halen. Naast de frustratie over de 'gebrekkige' communicatie vanuit de gemeente, voerde vooral de angst over veiligheid de boventoon. Bewoners vrezen dat de komst van de opvang gaat leiden tot meer onrust en een onveilig gevoel in hun wijk.Om die zorgen te toetsen, dook Omroep Gelderland in de cijfers. Cijfers onder de loepHet Wetenschappelijk Onderzoek- en Datacentrum (WODC)(opent in nieuw venster) onderzocht incidenten en misdrijven door bewoners van COA-opvang en tijdelijke gemeentelijke opvang (tgo) tussen 2017 en 2024. In 2024 verbleven volgens die cijfers ruim 106.000 mensen in de COA-opvang. Daarvan was zo'n 11 procent betrokken bij een agressie- of geweldsincident. Het ging daarbij vooral om verbaal geweld en ruzies binnen opvanglocaties.Het aantal geregistreerde misdrijven door bewoners van opvanglocaties daalde juist. De politie registreerde in 2024 bijna 5.900 verdachten die op een COA-locatie verbleven: 13 procent minder dan een jaar eerder. In totaal werd 3 procent van alle opvangbewoners verdacht van een misdrijf. Volgens het WODC gaat het daarbij vooral om jonge mannen en spelen ook omstandigheden op opvanglocaties een rol. Ter vergelijking: volgens het CBS is zo'n 2,8 procent van alle mensen (van 12 jaar en ouder) die op 1 januari 2025 in Nederland woonden verdacht geweest van een misdrijf in de periode 2020-2024. Weerstand tegen asielzoekers draait volgens experts om meer dan opvang(opent in nieuw venster)De cijfers over opvangbewoners sluiten aan bij eerdere conclusies van het WODC(opent in nieuw venster). Uit onderzoek naar de jaren 2005, 2010 en 2015 bleek dat asielzoekers, vergeleken met Nederlanders met dezelfde leeftijd, achtergrond en inkomenspositie, gemiddeld juist minder vaak verdacht werden van criminaliteit.Volgens de onderzoekers is er geen bewijs dat de aanwezigheid van een COA-locatie leidt tot een grotere kans op buurtcriminaliteit. Dat geldt ook wanneer wordt gekeken naar verschillen in type opvanglocatie, de grootte van de opvang of de samenstelling van de bewoners.Weerstand neemt vaak afVolgens hoogleraar sociale wetenschappen Marcel Lubbers van Universiteit Utrecht is weerstand tegen opvanglocaties al tientallen jaren een terugkerend verschijnsel. "Dat zien we al sinds de jaren negentig", vertelt hij. "Bij de aankondiging van een azc ontstaan vrijwel altijd zorgen. Mensen hebben het gevoel dat er iets in hun leefomgeving verandert waar ze weinig invloed op hebben."Die zorgen gaan vaak over veiligheid, overlast en veranderingen in de buurt. "Maar wat we in de praktijk ook steeds terugzien, is dat die weerstand meestal afneemt zodra een opvanglocatie er daadwerkelijk is."Volgens Lubbers zijn negatieve effecten vaak lastig met feiten te onderbouwen. “Er is weinig bewijs dat de komst van een azc automatisch leidt tot meer onveiligheid: cijfers laten juist vaak het tegendeel zien. In sommige gemeenten worden bewoners achteraf zelfs positiever over de opvanglocatie. Er zijn voorbeelden van plekken waar inwoners het jammer vinden als een opvanglocatie weer verdwijnt.”Dat beeld is belangrijk, zegt Lubbers, omdat vooral negatieve verhalen snel aandacht krijgen. "Voorbeelden waar opvang zonder problemen verloopt, halen veel minder vaak het nieuws."Na drie jaar sluit dit azc: 'Ik zou het liefst blijven'(opent in nieuw venster)Eén incident wordt snel het hele verhaalVolgens Sahar Noor, die onderzoek doet naar migratie en sociale veiligheid, speelt beeldvorming een grote rol in hoe mensen naar opvanglocaties kijken. "Incidenten waarbij iemand met een migratieachtergrond betrokken is, krijgen vaak veel aandacht. Daardoor ontstaat snel het idee dat dit iets zegt over een hele groep."Volgens Noor is dat een hardnekkig mechanisme. Eén gebeurtenis wordt uitvergroot en blijft hangen: "Een ernstig incident is altijd ernstig. Maar één verhaal mag nooit het beeld bepalen van duizenden mensen die daar niets mee te maken hebben."Volgens haar is dat beeld de afgelopen jaren versterkt door politieke retoriek en maatschappelijke discussies waarin migratie vaak gelinkt wordt aan veiligheid. "We leven al lange tijd in een klimaat waarin angst voor mensen met een migratieachtergrond actief is gevoed. Daardoor is het voor veel mensen bijna vanzelfsprekend geworden om gevoelens van onveiligheid direct aan deze groepen te koppelen."Dat maakt het volgens haar ingewikkeld om feit en gevoel van elkaar te scheiden.Terug naar de bewoners: hoe ervaren zij het veiligheidsgevoel rond een azc?Tevredenheid rondom azc'sOnderzoek van Bureau Beke uit Arnhem laat zien dat het veiligheidsgevoel van omwonenden na de opening van een opvanglocatie vaak eerst afneemt: in gemeenten die werden onderzocht, daalde het gemiddelde rapportcijfer in het eerste jaar van een 8 of hoger naar ongeveer een 6,5.In de jaren daarna stijgt dat cijfer en herstelt daarmee het veiligheidsgevoel. In verschillende onderzochte gemeenten liep het veiligheidsgevoel weer op tot bijna het niveau van vóór de komst van de opvang.In Zutphen(opent in nieuw venster), waar al 10 jaar een groot azc staat met ruim 750 bewoners, gaven bewoners voor de komst van het azc hun veiligheidsgevoel gemiddeld een 8,5. In het eerste jaar na de opening van het azc daalde dat naar een 7,1. In recente evaluaties ligt dat cijfer op een 7,6.Jos Kuppens van Bureau Beke vertelt daarover het volgende: "Natuurlijk zijn er incidenten, maar die gaan vooral over geluidsoverlast. En er komt ook wel wat diefstal voor. Maar als je naar de cijfers kijkt, dan zie je dat de veiligheid bij een opvang redelijk gelijk blijft."Gehoord worden is niet hetzelfde als je zin krijgenVolgens Noor ligt onder veel protesten niet alleen angst, maar ook frustratie over hoe besluiten worden genomen. Die frustratie draait volgens haar vaak om verwachtingen. "Veel mensen zeggen dat ze niet worden gehoord, maar in werkelijkheid willen ze hun zin krijgen", vertelt Noor en voegt toe: "Daarom moeten gemeenten uitleggen waar bewoners invloed op hebben en waar keuzes al vastliggen." De zorgen rond opvanglocaties spelen vaak het sterkst in de periode vóór en vlak na de opening. Onderzoek laat zien dat onrust en gevoelens van onveiligheid dan toenemen, maar in veel gevallen later ook weer afnemen zodra bewoners gewend raken aan de situatie en grote problemen uitblijven.Deskundigen benadrukken daarom het belang van duidelijke informatie, vroegtijdig meedenken en vooral terugkoppeling over wat er met zorgen en input gebeurt. “Als mensen alleen maar hun verhaal mogen doen zonder te weten wat daarmee gebeurt, groeit de frustratie alleen maar."Wat komt er nu écht naar Apeldoorn? Zeven vragen en antwoorden over de spoednoodopvang in De Maten(opent in nieuw venster)
Van gevoel naar feit: hoe het debat over asielopvang escaleert
De komst van een asielzoekerscentrum (azc) of noodopvang leidt vaak tot vragen over veiligheid.















