Aandoenlijk, dat is het woord dat het best past bij John Travolta’s regiedebuut. Zijn passieproject Propeller One-Way Night Coach was afgelopen zaterdag te zien op de 79ste editie van het filmfestival van Cannes. Aan de Côte d’Azur gaan veel films in première die het komende jaar het gesprek domineren. Ze kunnen er een grandioze lancering krijgen, met laaiende recensies of een Palm. Of afgebrand worden door de uit de hele wereld aanwezige pers.

Propeller One-Way Night Coach dat zowel is geproduceerd, gefinancierd, geschreven als geregisseerd door de acteur, gaat over de kinderlijke verwondering van een 8-jarige bij zijn eerste vliegreis in de jaren zestig. Denk: een crush op een zoetgevooisde stewardess, intens verdriet bij een gebroken speelgoedvliegtuig, een moeder die op de achtergrond gratis drankjes en rijke mannen versiert. De korte film – die buiten de belangrijke competities werd vertoond – blijkt een verhaaltje voor het slapen gaan met een voice-over van Travolta zelf. Dat is iets waarvoor slechts enkele critici hun bloeddorstige pen scherpen.

Mogelijk is het daarom dat Travolta het aandurfde zijn film op La Croisette te vertonen, waar festivaldirecteur Thierry Frémaux hem onverwacht met een ere-Palm beloonde. Grote Hollywoodstudio’s meden dit jaar daarentegen het festival, omdat een première in Cannes enorme kosten met zich meebrengt én ze niet het risico willen lopen op zure recensies ver voor het begin van de echte promotiecampagne. Cannes lijkt er aardig in te slagen buzz te creëren zonder een grote Amerikaanse studiofilm, met ‘glamour op bestelling’ via de première van Travolta en een jubileumvertoning van The Fast and the Furious.