Klassiek Bij het Concertgebouworkest soleert cellist Sol Gabetta deze week in het weinig gehoorde concert van Bohuslav Martinu. Het is een attractie, door de superieure beheersing en vertelkracht van Gabetta en het sappige orkestspel onder Santtu-Matias Rouvali.
Cellist Sol Gabetta met het Concertgebouworkest onder leiding van Santtu-Matias Rouvali.
Ook voor niet-Songfestivalliefhebbers is er een belangrijke muziekwedstrijd gaande: het Elisabeth Concours in Brussel, dit jaar voor cellisten. Beheersing, nervositeit, diverse temperamenten: je ziet het allemaal bij de semifinalisten, onder wie de Nederlander Isaac Lottman (2003). En al kijkend en luisterend besef je ook hoe zeldzaam instrumentalisten zijn bij wie álles op samenvalt en tot de verbeelding spreekt.
Kon. Concertgebouworkest o.l.v. Santtu-Matias Rouvali m.m.v. Sol Gabetta (cello). Werken van Dvořák, Martinu, Stravinsky en Ravel. Gehoord : 13 mei, Concertgebouw Amsterdam. Herh.: 15/5 aldaar, 16/5 Bozar Brussel. Radio 4: 24/5, 14 uur. Live kijken Elisabeth Concours Brussel nog /m 30 mei.
Zo’n cellist is de Argentijnse Sol Gabetta (45), als twintiger al een sensatie met albums voor Sony en nog steeds eigenzinnig aan de wereldtop. Gabetta viel en valt op door haar verbluffende, haast ‘sportief’-soepele techniek, de zangerigheid van haar spel en haar originele artistieke profiel. Bij het Concertgebouworkest was ze de afgelopen vijftien jaar zo’n beetje de huis-solocellist. Woensdag liet ze in het fascinerende Eerste celloconcert (1930) van Bohuslav Martinu, sinds 1974 niet door het orkest gespeeld, horen waarom.






