In Kyiv, Warschau en Brussel geldt de Russische aanval op een Oekraïense passagierstrein vlak bij de Poolse grens van zondag, als bewijs van verdere escalatie door Rusland. Zeker toen duidelijk werd dat kort voor de aanval op hetzelfde station een diplomatieke trein was gepasseerd met Europese politici, onder wie Boris Johnson, Carl Bildt en Sanna Marin, oud-premiers van respectievelijk het Verenigd Koninkrijk, Zweden en Finland. Ukrzaliznytsia, de Oekraïense spoorwegen, meldde op Telegram het „zeer waarschijnlijk” te vinden dat de Russische drone eigenlijk de diplomatieke trein als doelwit had.

Sprekend over de Russische aanval op de trein en een andere drone-aanval op een benzinepomp in hetzelfde grensgebied, zei Andri Sybiha, de Oekraïense minister van Buitenlandse Zaken: „Dit is Poetins terreur die direct bij de EU en de NAVO aan de deur klopt. De Russische barbaren staan ​​al voor jullie poorten, beste partners.” De Poolse premier Donald Tusk waarschuwde dat „de komende weken en maanden in het teken zullen staan ​​van zeer intensieve acties van Russische zijde” en dat Polen „niet kan uitsluiten dat deze escalatie ook gevolgen zal hebben voor ons grondgebied”. Tusk kondigde aan dat de grensbewaking zal worden opgevoerd.