Het kabinet geeft uitvoering aan de afspraak uit het coalitieakkoord om in de komende jaren véél meer aan Defensie uit te geven. De vele miljarden die hiermee zijn gemoeid worden tot en met 2031 overgeheveld van de ‘Aanvullende Post’ op de Rijksbegroting (waar geld staat dat nog geen bestemming heeft) naar de Defensiebegroting. In 2035 moeten de Nederlandse Defensie-uitgaven zijn gestegen van 2,0 tot 3,5 procent van het bruto binnenlands product (bbp).

In het komende jaar investeert het kabinet slechts 600 miljoen extra in Defensie, maar in de jaren daarna lopen die bedragen snel op met miljarden per jaar. In deze begroting voor 2027 bedragen de totale geraamde defensie-uitgaven 28,9 miljard euro. Dit is inclusief 3,1 miljard voor militaire steun aan Oekraïne. Als je de steun voor Oekraïne meetelt – zoals het kabinet doet – geeft Nederland het komend jaar 2,36 procent van het bbp uit aan Defensie. Daarmee voldoet Nederland ruimschoots aan de huidige NAVO-norm van 2 procent. Zonder de Oekraïne-steun bedragen de uitgaven 2,12 procent.

Het kabinet-Jetten legt in de begroting ook de steun voor Oekraïne in de komende jaren vast. Al eerder werd er geld via een ‘kasschuif’ naar de begroting van 2026 gehaald om de steun op peil te houden. Met deze begroting wordt er opnieuw 250 miljoen naar voren gehaald, die nog dit jaar zal worden uitgegeven. In 2027 heeft het kabinet 2 miljard begroot voor militaire hulp; in 2028 en 2029 is dat respectievelijk 2,4 en 2,2 miljard.