In een ongelijke strijd was een eretreffer woensdagavond het hoogst haalbare voor Feyenoord tegen FC Barcelona. In Camp Nou, waar toeschouwers in poncho’s toekeken bij een paar fraaie goals en hoogstandjes van de thuisploeg, werd het 5-1. Feyenoord speelde in de eerste speelronde van de Champions League naar zijn mogelijkheden, maar was onmachtig tegen de individuele klasse van Barça.

Soms happen de Feyenoord-spelers even naar adem – met name in de (kletsnatte) openingsfase worden ze in fases kapot gespeeld. Het verschil in handelingssnelheid en balcontrole is onmiskenbaar, zeker wanneer Lamine Yamal en Raphinha versnellen. Barcelona jaagt in hoog tempo op de bal, zodanig dat Feyenoord-spelers in tijdnood raken. Naar een ploeggenoot spelen betekent meestal dat die dan in de problemen komt.

Ingespeelde machine

Waar Feyenoord een ploeg in opbouw is, is FC Barcelona een ingespeelde machine met fenomenaal positiespel. Het vinden van de ruimtes gaat zo ogenschijnlijk makkelijk en snel. Een deel van de kern van FC Barcelona was onderdeel van de Spaanse ploeg die wereldkampioen werd – Yamal, Pau Cubarsí, Pedri en de van Manchester City overgenomen Rodri speelden allen in de WK-finale tegen Argentinië.