Op een warme woensdagochtend was ik deze zomer in een loods in Friesland. Tientallen vrijwilligers verzamelden daar spullen voor Oekraïne. Een 87-jarige mevrouw kwam naar mij toe en gaf mij het blad Vrij!. Als zesjarig meisje kreeg zij dit bij de bevrijdingsfeesten in 1945. Ze had het haar hele leven bewaard.

Ik heb het blad in één adem gelezen. Het schetst de opluchting in Nederland na vijf jaar oorlog en onderdrukking. Het eindigt met een prachtige oproep om Nederland weer op te bouwen, tot dat „dierbare plekje grond, waarvoor je niets ter wereld zou willen ruilen”.

Ruben Brekelmans is fractievoorzitter van de VVD in de Tweede Kamer.

Gelukkig leven we nu niet in een tijd van wederopbouw, maar wel in een tijd waarin we weer moeten bouwen aan de kracht van ons land. Ik kies bewust voor het woord ‘kracht’. Kracht is nodig in deze tijd van militaire dreigingen, oorlog in Europa, handelsconflicten en een wereldwijde strijd om technologie en AI.

Dit raakt vrijwel iedereen, aan elke keukentafel. Met oplopende energierekeningen, hoge supermarktprijzen en dalende marges voor ondernemers. Nederland staat op een kantelpunt. Ofwel we gaan de komende jaren achteruitgang managen, ofwel we bouwen een krachtig land dat haar belofte van vooruitgang waarmaakt.