Terwijl de wereld in brand staat, krijgen mijn dochter en haar vriend een baby. En ik ben hier blij mee. Extatisch bijna, hoewel ik dat haast niet durf te uiten, want jeetje een baby in deze tijd, het is bijna iets om je voor te schamen. Nederlandse vrouwen krijgen gemiddeld nog maar 1,43 kind, in 2016 was dat nog 1,68 kind. Meer dan de helft van de volwassenen tussen de 18 en de 35 wil niet eens kinderen volgens het Centraal Bureau voor de Statistiek, vanwege een combinatie van kosten, woningtekort, zorgen om klimaat en oorlog en verlies van persoonlijke vrijheid. Allemaal valide redenen. Iedereen moet helemaal zelf weten of die zich voortplant, maar ik geloof ook dat het krijgen van kinderen veel positiviteit aan deze wereld kan toevoegen. We hebben een nieuwe, weldenkende generatie nodig om al onze fouten te herstellen.

Zelf kreeg ik mijn eerste kind, een zoon, op mijn 25ste, mijn moeder was toen 43. Ik wilde dolgraag en het liefst jong moeder worden. Omdat ik had ervaren hoe leuk dat was, jonge ouders hebben, met wie ik naar concerten van David Bowie en The Police ging. En nu ik in januari zelf oma ga worden staat mijn 77-jarige moeder, aanstaand overgrootmoeder, nog swingend aan mijn zijde op menig feestje. Het hebben van een jonge moeder is natuurlijk niet alleen maar leuk vanwege feesten en partijen. Het is prettig niet tegelijk met je moeder in een hormonenstorm te zitten (zij in de overgang, jij in de puberteit), het is vooral fijn dat je haar met een beetje mazzel lang aan je zijde hebt. Maar het allermooiste is dat je je baby of peuter met een gerust hart bij een fitte oma en/of opa kunt achterlaten. Zo hielpen mijn ouders me toen ik op instorten stond vanwege het vele huilen van de eerste, en gaan mijn beide kinderen op hun dertigste nog steeds graag logeren bij hun actieve opa en oma.